
Sarah Peeters, oprichter WEAR TO BE SAFE
WEAR TO BE SAFE is gespecialiseerd is in persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) voor werkzaamheden aan elektrische installaties, met een focus op bescherming tegen de gevolgen vlambogen.
Ik heb zelf geen technische studie gevolgd, maar studeer bedrijfskunde. De installatietechniek kwam op mijn pad tijdens een studieopdracht waarbij ik een onderneming moest opstarten. Ik wilde graag iets opzetten wat ik ook daarna zou kunnen voortzetten.
Met deze opdracht in het achterhoofd ging ik in gesprek met HyTEPS. Zo ontstond het idee voor een bedrijf in persoonlijke beschermingsmiddelen. Ik heb altijd al interesse gehad in business, sales en marketing, maar ik houd ook van mensen helpen. Daarnaast ben ik van jongs af aan al geïnteresseerd in kleding. Bij WEAR TO BE SAFE komen al die interesses samen!
Het contact met HyTEPS heeft geleid tot een mooie samenwerking waarin we elkaar uitstekend aanvullen. HyTEPS brengt veel kennis en ervaring in, met name op het gebied van normen en het gebruik van PBM’s. Wij vertalen die kennis naar de praktijk en naar specifieke behoeften van uiteenlopende klanten. Met WEAR TO BE SAFE hebben we hard gewerkt aan het vertalen van technische eisen en regelgeving naar praktische toepassingen binnen de installatietechniek. De volgende stap is om hetzelfde te doen voor andere sectoren, zoals de jachtbouw.
Het is belangrijk om per klant goed te kijken naar de specifieke behoefte en dat te vertalen naar technische eisen. De één wil vooral zeker weten dat aan alle voorschriften wordt voldaan; de ander richt zich meer op het menselijke aspect. In het ene bedrijf moeten PBM’s bijvoorbeeld zuurbestendig zijn, terwijl in een andere onderneming bescherming tegen hoge temperaturen centraal staat.
Je hebt dus te maken met sterk uiteenlopende wensen en specificaties. De vertaalslag van die specificaties naar onze kleding en accessoires is tot nu toe altijd wel mogelijk gebleken. Ons uiteindelijke doel is om actief mee te denken met bedrijven en hen een passende oplossing te bieden op het gebied van veiligheid. We willen ervoor zorgen dat mensen zo goed mogelijk beschermd zijn, in comfortabele en functionele kleding en met praktische accessoires. Voor ons zijn dat mooie uitdagingen.
Ook willen we bijdragen aan bewustwording rond de gevaren van vlambogen en manieren om daar verantwoord mee om te gaan. Als we dit thema onder de aandacht kunnen brengen hebben we al een belangrijke stap gezet, zelfs als bedrijven niet meteen concrete stappen zetten.
Als ik aan studiegenoten of kennissen vertel dat ik een bedrijf heb in de technische sector, reageren ze wel eens verbaasd. Het is blijkbaar bijzonder dat een jonge vrouw voor zichzelf begint in deze sector. Veel mensen hebben nog steeds een eenzijdig beeld van de technische wereld en je loopt wel eens tegen vooroordelen aan. Dat had ik zelf ook, voordat ik er actief in werd. Ik was vooral onder de indruk van hoe de mensen van HyTEPS op basis van data slimme oplossingen ontwikkelden. Elektrotechniek leek me vooral heel erg wiskundig, complex en abstract. Maar het vakgebied is veel breder. Je moet natuurlijk wel affiniteit met techniek hebben, maar het raakt ook aan allerlei andere domeinen zoals wetgeving, business, en veiligheid.
Wat ik vrouwen wil meegeven die erover denken om iets in de techniek te gaan doen: Aarzel niet! Er wordt nog steeds vaak gedaan alsof de techniek een mannenwereld is – en dat was het misschien ooit ook. Maar ik zie steeds meer vrouwen in deze sector. Als dit jouw passie is, laat je vooral niet tegenhouden. Als dit jouw droom is, hoeft niemand daarover te oordelen.
Barbara Tonarelli, Voorzitter Commissie Diversiteit, Gelijkheid & Inclusie, FTTH Council Europe
Vrouwen zijn om diverse redenen nog steeds ondervertegenwoordigd in technische beroepen. Ten eerste kiezen minder vrouwen voor een studie op het vlak van wetenschap, technologie, engineering of wiskunde. Wie dat wel doet, wordt vervolgens niet altijd aangemoedigd om ook voor een carrière in de techniek te kiezen. Het vakgebied wordt nog steeds gezien als ‘typisch mannelijk’ en lastig toegankelijk voor vrouwen.

Stereotypen en onbewuste vooroordelen bestaan nog steeds, waardoor sommige werkgevers mannelijke kandidaten blijven verkiezen voor technische functies, zelfs als een mannelijk en vrouwelijke kandidaat precies even geschikt zijn. Onderzoeken binnen technische sectoren geven nog steeds aan dat er een duidelijke genderkloof bestaat op leidinggevend niveau. Vrouwen ondervinden vaker barrières in hun loopbaan, wat hun groei beperkt en ervoor zorgt dat ze na verloop van tijd achterblijven op mannelijke collega’s. Mannen hebben nog steeds de overhand houden in bestuursfuncties – vrouwen zijn hier nog steeds sterk ondervertegenwoordigd. Deze ongelijkheid kan worden tegengegaan door middel van meer concrete en beter toegankelijke ‘Diversity, Equity *& Inclusion (DE&I) -beleidsmaatregelen binnen technische sectoren – maatregelen die actief barrières wegnemen en zorgen dat werknemers veilig discriminatie kunnen melden.
Inzichten enquête FTTH Council Europe
Onze enquête onder leden van FTTH Council Europe bevestigde dat gender nog steeds een belemmering vormt voor loopbaanontwikkeling – vaak pas zichtbaar in latere stadia van een carrière. Een belangrijke bevinding was dat vrouwen doorgaans minder toegang hebben tot training en ontwikkelingsmogelijkheden dan mannen. Dit verschil was vooral merkbaar wanneer hun directe leidinggevende een man was; vrouwelijke leidinggevenden bleken over het algemeen meer geneigd om hun teamleden opleidingskansen te bieden.
Daarnaast nemen vrouwen vaker een groter deel van de zorgtaken binnen het gezin op zich, en hebben zij vaker behoefte aan flexibele werkregelingen – iets wat veel bedrijven nog steeds niet aanbieden. Dit gebrek aan flexibiliteit kan leiden tot een hoger verloop onder vrouwen op bepaalde momenten in hun loopbaan. Zelfs bij bedrijven waar DE&I-beleid is uitgerold gaven veel vrouwen aan niet te weten hoe ze gendergerelateerde problemen moesten melden of bij wie ze terecht konden. Hoewel dit sinds onze enquête mogelijk verbeterd is, blijft het verschil tussen beleid op papier en de praktijk groot. Verontrustend is ook dat er nog steeds mensen zijn – zowel mannen als vrouwen – die DE&I onzin vinden, ondanks een overvloed aan onderzoek, statistieken en diepgaande analyses over het onderwerp.
Het is essentieel dat meisjes al op jonge leeftijd in aanraking komen met wetenschap en technologie – thuis én op school. Zelf heb ik nooit verschil in potentieel gezien tussen jongens en meisjes en ik geloof er sterk in dat vrouwen net zo goed zijn in technische beroepen. Onderwijsinstellingen, overheden en bedrijven moeten ervoor zorgen dat meisjes zich niet laten afschrikken door STEM-vakken en deze met vertrouwen kunnen kiezen voor hun toekomstige loopbaan. Het doorbreken van stereotypen en het creëren van een inclusieve omgeving vanaf het begin van de schoolloopbaan kan leiden tot meer evenwichtige loopbaankeuzes. Het is ook belangrijk om de prestaties van vrouwen in de techniek zichtbaar te maken en te vieren, zodat jongere generaties vrouwelijke rolmodellen hebben om zich aan op te trekken.
Mijn interesse in technologie begon op de middelbare school, waar ik enthousiast werd van praktische, technische opdrachten. Ik groeide op in een ruimdenkend gezin met een technische achtergrond en ontdekte al snel mijn passie voor wiskunde. Die passie bracht me naar de universiteit, waar ik me toelegde op toegepaste wiskunde binnen de ingenieursafdeling.
Na een weinig inspirerende eerste baan wist ik een hoogleraar te overtuigen mij toe te laten tot een masteropleiding in ICT – een keerpunt dat deuren opende in de telecomsector. Aan het begin van mijn carrière moest ik een oudere mannelijke collega inwerken, een waardevolle ervaring die me deed inzien dat we op elke leeftijd en ongeacht ons geslacht kunnen blijven leren en ons verder kunnen ontwikkelen.
De FTTH Council Europe is een toonaangevende brancheorganisatie die de uitrol van fiber-to-the-home (FTTH) netwerken bevordert, die essentieel zijn voor snelle, betrouwbare en toekomstbestendige digitale connectiviteit in heel Europa.